Een speelse methode om kinderen stap voor stap te helpen bij eetproblemen
De Eetladder is gebaseerd op het eetstappenplan van Thijs en Trees en helpt kinderen met eetproblemen zoals ARFID of sensorische gevoeligheden op een speelse en gestructureerde manier wennen aan nieuwe voedingsmiddelen.
Elke trede van de ladder vertegenwoordigt een stap in het proces om kinderen te helpen angst voor voedsel te overwinnen - van simpelweg in dezelfde ruimte zijn als het eten tot uiteindelijk het doorslikken!
Pictogrammen vormen de kern van de Visuele Eetladder en dienen meer te zijn dan alleen visuele ondersteuning; ze moeten actief geïntegreerd worden in het leerproces van het kind.
Modeling is een effectieve methode om gewenst eetgedrag te demonstreren en het kind te motiveren.
Het inzetten van creatieve activiteiten kan de motivatie en betrokkenheid van het kind vergroten.
Het is belangrijk om de interventie af te stemmen op de specifieke interesses van het kind.
De volledige eetervaring afronden door het gekauwde eten door te slikken.
Het kind slikt het eten uiteindelijk door. Dit gebeurt pas als eerdere stappen zonder stress verlopen.
Dit is het einddoel van het traject. Als het kind het eten doorslikt, heeft het het volledige proces doorlopen.
Het eten actief verwerken (kauwen) zonder verplicht doorslikken.
Het kind mag nu voorzichtig kauwen. Het hoeft nog niet door te slikken.
Kauwen is een intensieve zintuiglijke ervaring. Oefenen zonder druk vermindert angst.
Het voedsel tolereren in de mond zonder eetdruk (kauwen of slikken).
Het kind plaatst het eten voorzichtig in de mond en houdt het daar (bijv. 5 seconden). Het mag het daarna uitspugen als dat nodig is. Mond mag open of dicht zijn.
De mond is een gevoelig gebied. Dit helpt om te wennen zonder dat eten "moet".
Het eten fysiek dichter bij de mond brengen en kort contact maken met de lippen.
Laat het kind het eten kort (bijv. 5 seconden) zachtjes tegen de lippen houden. Dit kan met het eten zelf of via een lepel of vork.
De lippen zijn gevoelig. Deze stap went aan het gevoel van voedsel dichtbij de mond, als voorbereiding op het in de mond nemen.
Het eten proeven met de tong, zonder het in de mond te nemen.
Laat het kind voorzichtig met de tong het eten aanraken (likken).
De tong is een eerste kennismaking met de smaak. Likken is minder intens dan het eten volledig in de mond nemen.
Wen raken aan de textuur zonder dat het eten in de mond hoeft.
Laat het kind het eten aanraken met de handen, een vork of een servet. Benoem samen hoe het voelt: "Is het zacht, hard, glad, plakkerig?"
Veel afkeer komt voort uit de textuur van voedsel. Voelen helpt om daar controle over te krijgen zonder eetdruk.
Vertrouwd raken met de geur zonder druk om te eten.
Laat het kind het voedsel voorzichtig ruiken. Dit kan met open of gesloten ogen, afhankelijk van wat prettig voelt.
De geur is een belangrijk zintuiglijk onderdeel van eten. Door hier rustig aan te wennen, wordt de volgende stap (voelen/proeven) minder spannend.
Wen raken aan het uiterlijk van het voedsel.
Het kind observeert het eten zonder dat het hoeft aan te raken of te proeven. Je kunt het eten op het bord of in een apart schaaltje leggen.
Veel kinderen met eetproblemen ervaren al spanning bij alleen het zien van onbekend voedsel. Deze stap helpt om die eerste stress te verlagen.
In dezelfde ruimte ruimte zijn als het eten.
Het kind is in dezelfde ruimte als het eten. Het eten kan op tafel staan, of iemand anders eet het. Het kind hoeft er niets mee te doen.
De eerste stap is om gewend te raken aan de aanwezigheid van (onbekend) voedsel zonder enige vorm van interactie.
Afbeelding voor deze stap volgt nog.